Het hoofddoel van elke commanderij is de theoretische en praktische wijnkennis van haar leden aan te scherpen, zonder evenwel de commerciële toer op te gaan. Voornoemde kennis kan worden opgedaan tijdens de proefavonden, waarvan er tenminste vijf per gildejaar dienen plaats te hebben. Ze hebben altijd betrekking op één (ruimer of beperkter) wijngebied en/of druivenvariëteit.

Elke proefavond wordt ingeleid met een bespreking van het wijngebied / druivenvariëteit en van de te proeven wijnen. Daarna worden er zes tot acht wijnen geproefd en op een interactieve manier becommentarieerd.
Het geheel staat onder de leiding van de wijnmeester.

De leden van de vereniging kunnen volgende graden behalen:
![]()